Je hebt ‘m vast al gespot op de weg want de nieuwe R5 is een hit! Renaults compacte retromodel is alvast qua design een duidelijke nazaat van zijn illustere voorganger uit de seventies. Onderhuids is hij wel helemaal futureproof met (enkel) een volledig elektrische aandrijving. Eind vorig jaar werd hij gelanceerd met een topmotorisatie en een dikke batterij, vandaag volgt een meer betaalbare versie in afwachting van het instapmodel, de ‘Five’.
Met deze neoretro R5 knoopt de Franse constructeur aan bij een succesmodel dat tussen 1972 en 1996 ruim 9 miljoen keer van de montageband is gerold. Onderhuids voorziet Renault zuiver elektrische technologie en op dat vlak heeft het merk alvast flink wat expertise in huis. De Zoë bijvoorbeeld, die door De R5 op pensioen wordt gestuurd, was lange tijd een van de bestverkopende compacte EV’s en het ziet ernaar uit dat de R5 nog beter zal doen.

3.000 euro goedkoper
De lanceringsversie van de elektrische R5 kreeg een elektromotor van 150 pk die energie puurt uit een batterij met een capaciteit van 52 kWh. Vandaag gaan we op pad met wat je het tussenmodel zou kunnen noemen. Het motorvermogen van deze sympathiek ogende EV werd teruggeschroefd tot 120 pk en Renault monteert hier eveneens een kleinere batterij die 40 kWh stroom kan opslaan. Op die manier kan Renault de prijs (een beetje) drukken tot 27.900 euro, wat 3.000 euro beterkoop is dan de meest krachtige versie met 150 pk. Later volgt trouwens nog de langverwachte Five-instapversie waarvan de prijs net onder de kaap van 25.000 euro duikt. Het budget wordt verder gedrukt door nog meer eenvoudige plastics te gebruiken voor het interieur. Los van de kleinere batterij, daalde ook het motorvermogen naar 90 pk. Dat zal minder flitsend zijn, maar mogelijk is dit wel een manier om meer kilometers uit één batterijlading te halen.

De tussenversie (120 pk) die we vandaag rijden in combinatie met de 40 kWh batterij afficheert op de boordcomputer een rijbereik van pakweg 300 km. Hij komt meer dan vlot uit de startblokken met dank aan het instant-motorkoppel van 225 Nm dat vanaf de start beschikbaar is. De wagen reageert meer dan vlot tot snelwegtempo en houdt ook de decibelproductie netjes onder de controle, wat het rijcomfort verhoogt. Tenminste, het auditief rijcomfort, want door het hogere gewicht werden de veren iets strakker aangespannen. Bij grote koetswerkbewegingen (denk over een vluchtheuvel rijden) gaat alles prima, enkel kleine oneffenheden in het wegdek worden minder vergevingsgezind gefilterd.

Nieuw platform
Comfort ‘à la française’ zoals de R5 van weleer dat wel bood, is dus minder aan de orde. In de plaats kwam een heel andere Renault-aanpak. Voor deze B-segment EV werd immers een totaal nieuw platform ontwikkeld dat enkel voor elektrische voertuigen kan worden gebruikt. De packaging met een centraal onderin geplaatste batterij verschilt immers fundamenteel van de klassieke lay-out van een auto met verbrandingsmotor (bijvoorbeeld de Clio). Het zit er platformgewijs dus niet in dat er op een later tijdstip ook een verbrandingsmotor zou komen in de R5. Het EV-platform wordt echter wel nog voor andere modellen gebruikt zoals de grotere R4 en straks ook de Nissan Micra.
Renault gebruikte voor de ontwikkeling vrij dure technologieën zoals een complexe multilink achteras en dat voel je (in positieve zin) vanaf de eerste bocht. De R5 heeft een prettig stuurgedrag en het onderstel maakt meteen duidelijk dat het zonder verpinken meer vermogen kan verteren. Kortom, vanaf de eerste pennentrek werd ook rekening gehouden met snelle Alpine-afgeleiden.

Conclusie
Dit tussenmodel van de R5 is perfect dagelijks inzetbaar en is een trendy alternatief in het elektrische B-segment. Hoewel het interieur ook over een achterbank – die naam waardig – beschikt, is de kofferruimte toch beperkt en moet je dit model eerder positioneren als een grotere Mini-concurrent. Hoewel de nakende basisversie aan € 25.000 elektrisch rijden wil democratiseren, blijft het model redelijk prijzig voor een compact stadswagentje dat in gezinsverband vooral als tweede wagen zal worden ingezet. Je betaalt natuurlijk niet alleen een stukje de ontwikkelingskost, maar ook het imago van de hippe R5. Dat hij daarbij jezelf en de andere weggebruikers aanzet tot een brede glimlach op het gezicht, is mooi meegenomen.

















