Wat extra gepaste trots is niet verkeerd als een landgenoot een sleutelpositie bekleedt bij een groeimerk als Kia. De Limburger Jochen Paesen is niet alleen trotse Belg, maar hij heeft ook nog eens een rol die mee het toekomstbeeld bepaalt van het merk. Wij konden met hem spreken in de coulissen van de Kia-stand op het autosalon, waar de Kia EV2 net z’n wereldpremière beleeft.
Jochen, kan je uitleggen wat jouw rol is binnen het Kia designteam?
In totaal werk ik nu al zes jaar bij Kia en nu tien maanden in mijn huidige rol. De eerste vijf jaar was ik verantwoordelijk voor interieurdesign, design experience en CMF (Color, Materials & Finish, red). Maar het afgelopen jaar ben ik dus overgestapt naar future design. Dat betekent dat ik kijk naar hoe de markt zich in de toekomst kan ontwikkelen. Dat gaat breed over exterieur, interieur, afwerking, maar ook strategisch. We bekijken ontwikkelingsstrategieën: waar willen we naartoe, op korte én lange termijn. Niet alleen ver vooruit plannen, maar ook antwoorden vinden op vragen van vandaag. Kia is traditioneel wat reactiever en spontaner, maar we willen wel een duidelijke ontwerpvisie hebben: waar geloven we in, welke richtingen willen we verkennen, zowel als designteam en als merk.

Over welke tijdshorizon spreken we dan?
Het is een brede bandbreedte. Sommige projecten kijken naar 2035–2036, dus ongeveer tien jaar vooruit. Andere zijn veel dichterbij en gaan over strategische vragen die we dit jaar moeten beantwoorden. En we kijken altijd vanuit het perspectief van Kia. De groep is natuurlijk sterk en heeft veel mogelijkheden, maar wij focussen op wat Kia binnen die groep kan betekenen en toevoegen. We staan wel in nauw contact met Hyundai en Genesis om te zorgen dat we elkaar aanvullen. Met onze baas Luc Donckerwolke (een andere Belg, red) hebben we maandelijks overleg, dat verloopt heel constructief.
Het huidige Kia-design voelt al erg futuristisch. Wat is dan nog de volgende stap?
Dank je, ik neem dat als een compliment. Kia heeft zich traditioneel niet heel sterk beziggehouden met toekomstdesign, maar de voorbije generatie producten toont dat we de vrijheid hebben gekregen om een duidelijke identiteit te creëren. We hebben de laatste vijf jaar heel snel gewerkt en progressieve oplossingen gerealiseerd. Dat zie je vandaag op de weg. Maar dat is slechts het begin. Nu mogen we niet achteroverleunen en enkel nog incrementele verbeteringen doen. We moeten hierop voortbouwen. Kijk naar wat er technologisch gebeurt, zoals AI. Of we het nu willen of niet: alles verandert. De vraag is hoe wij dat ontvangen, hoe we het ons eigen maken en hoe we het echt Kia maken. We hebben een sterke basis, maar er is nog enorm veel potentieel.

Hebben jullie al een beeld van de toekomstige identiteit van Kia?
Ja, daar werken we constant aan. Wat voor ons belangrijk is, is dat we een progressief merk blijven. We kijken niet te veel naar het verleden en durven te ontdekken. Die drang naar vernieuwing betekent dat onze identiteit blijft evolueren. Er zijn altijd twee snelheden: designgebieden waar we snel moeten bewegen en gebieden waar we verfijnen. De uitdaging is het bewaren van die balans.
Hoe kijk je naar de opkomst van Chinese EV-merken?
China is vandaag heel sterk aanwezig op het automotive toneel. Op dit moment zijn die merken vaak feature-gedreven en ze brengen dat snel naar de markt. Maar ik geloof dat er een volgende fase komt, ook voor Chinese merken. Dan gaat het niet meer om functies die je niet echt nodig hebt, maar om relevantie: wat voegt echt waarde toe? Wat voelt noodzakelijk, wat creëert vertrouwen en emotionele connectie met de markt? De sterksten zullen overleven. Dat geldt voor iedereen. Het gaat erom hoe je betekenisvol wordt voor de klant.
Je bent een Belgische ontwerper. Is België nog goed vertegenwoordigd in autodesign?
Ik weet niet of het er minder zijn dan vroeger, maar voor zo’n klein land zijn we nog steeds opvallend aanwezig op de automotive designscene. Ik denk aan Luc Donckerwolke, Pierre Leclerc (Citroën, red), Jo Stenuit (Mazda, red) en ikzelf: we zijn er en we nemen onze ervaring en roots mee in ons werk. Wat ik persoonlijk waardeer aan België is de diversiteit. Kijk naar de architectuur in Brussel: verschillende stijlen, verschillende periodes, van brutalisme tot klassiek. Alles bestaat naast elkaar. Sommigen vinden dat rommelig, maar ik vind dat net prachtig. Dat idee – verschillende dingen samenbrengen – zit ook in hoe wij bij Kia ontwerpen. “Opposites United” is daar een perfecte vertaling van.

Is design dé manier om het verschil te maken tegenover andere merken?
Ik denk dat het vooral draait om weten wie je bent als merk, waar je voor staat en welke waarden je belangrijk vindt. Als klanten je vertrouwen en zich comfortabel voelen met je product, dan heb je een sterke positie – ongeacht de markt. Kia is een globaal merk, met studio’s over de hele wereld. Dat laat ons toe om wereldwijde trends te begrijpen en daar ons eigen verhaal van te maken.
Hebben ontwerpers vandaag nog vrijheid met alle regelgeving?
Ik zou zeggen meer dan ooit. Twintig jaar geleden ging het veel meer over styling. Vandaag werken we met technologie, regulaties, duurzaamheid. Dat kan je als beperking zien, maar voor creatieve mensen zijn dat net kansen om anders te denken. Voor mij is dit een veel creatievere fase, al zijn de antwoorden minder duidelijk. Dat maakt het spannend.

Kunnen jullie nog snel genoeg reageren?
Ja. We kunnen een auto in ongeveer drie jaar ontwikkelen van eerste schets tot productie. Dat is niet zo snel als sommige Chinese merken, maar wel snel voor een gevestigde OEM. En als een beslissing verkeerd blijkt, kunnen en durven we bijsturen.
Houden jullie rekening met regionale smaken?
Altijd. Dat is een van onze sterktes. We integreren culturele en regionale input vanaf het begin. We maken geen generiek product dat we later aanpassen. Een auto bouw je voor mensen, niet alleen voor autoliefhebbers. Er zijn universele behoeften – comfort, gevoel, gebruiksgemak – en daarnaast regionale voorkeuren. Neem bijvoorbeeld de Kia EV4: voor Europa is een hatchback belangrijker dan een fastback. Daarom werd dat project vanaf het begin met beide in gedachten ontwikkeld. Dat leidde tot de mogelijkheid om twee voertuigen uit één basis te creëren.
Heb je recent nog aan andere modellen gewerkt?
Wel, ik niet alleen want het is natuurlijk teamwork, maar we hebben ons uiteraard de laatste jaren vooral bezig gehouden met de volledig nieuwe EV-familie van Kia. En het is voor mij dan ook super leuk dat onze jongste telg, de EV2, nu net hier in België z’n wereldpremière beleeft. Ik hoop dat hij goed ontvangen wordt (lacht).






